Patholoog-anatoom zonder grenzen

Buitenlandse microbe altijd al aanwezig

Tijdens zijn loopbaan in het Instituut voor Tropische Geneeskunde (ITG) waren internationale projecten schering en inslag voor prof.Van Marck. Maar ook na zijn aanstelling als diensthoofd in het UZA in 1988 liet de buitenlandse microbe hem niet los. Hij zette zich in voor verschillende projecten die werden gesteund door de Vlaamse Interuniversitaire Raad (VLIR).

Kenia

Tussen 1996 en 2003 leidde Van Marck in Kenia een project voor de opleiding van cytologen, celspecialisten die zich bezighouden met de vroege opsporing van kanker.
'Baarmoederhalskanker is in Afrika een van de belangrijkste doodsoorzaken bij vrouwen. Er is geen infrastructuur om screenings te organiseren zoals dat in Europa en de Verenigde Staten gebeurt. Vooral deskundigen die de stalen kunnen bestuderen, ontbreken er. Vandaar hebben we een masteropleiding op poten gezet in samenwerking met de Universiteit van Nairobi in Kenia. In het kader daarvan ben ik verschillende keren naar Nairobi getrokken', vertelt Van Marck.

Ecuador

Van 2001 tot 2003 coördineerde hij samen met prof. Geerts van het ITG een project in Ecuador, waarmee de strijd werd aangegaan tegen de ziektes taeniasis en cysticercosis. Bij deze ziektes raakt de patiënt respectievelijk besmet met een larve van een lintworm of met de eitjes ervan. In het laatste geval ontwikkelen zich in het lichaam larven die cysten vormen, onder meer in de hersenen. Dat kan leiden tot epilepsie-aanvallen en zelfs de dood. In sommige streken van Ecuador zijn tot 25 procent van de mensen besmet.
'We hebben een laboratorium opgericht in Quito en mensen opgeleid om de besmetting op te sporen met behulp van labotesten. De universitaire gemeenschap was ons zo dankbaar dat we zelfs tot ereprofessoren benoemd zijn', lacht Van Marck.

Kameroen

In 2003 startte Van Marck alweer met een ander project, opnieuw samen met prof. Geerts. Bedoeling was de slaapziekte in Kameroen te bestrijden, in samenwerking met de Universiteit van Dschang.
'De vele oorlogen hebben de medische controlemechanismen in West-Afrika in elkaar doen storten. Daardoor heeft de slaapziekte op verschillende plaatsen opnieuw de kop opgestoken. We hebben een aantal mensen uit Dschang uitgenodigd om bij ons een opleiding te volgen om de ziekte te leren opsporen', legt Van Marck uit.

Congo en Rwanda

In november 2003 ging Van Marck twee weken pathologische anatomie en gerechtelijke geneeskunde doceren aan de medische faculteit in Kananga in Congo.
'Ik heb veertien dagen acht tot negen uur per dag les gegeven aan een honderdtal studenten. Vooral door de hitte was dat vrij zwaar. Maar de studenten waren heel gemotiveerd. Die mensen hunkeren gewoon naar kennis uit het westen.'
Eind maart 2004 trok hij opnieuw naar Afrika om in dezelfde materie les te geven, deze keer in Butare in Rwanda.

Drijfveer

Van Marck steekt heel wat tijd in de projecten, die bovenop zijn werk als diensthoofd komen. Ook het reizen in vaak primitieve omstandigheden is vrij vermoeiend. Tijd om het land te verkennen is er niet of nauwelijks. Toch kan Van Marck moeilijk nee zeggen.
'Voor een stuk kaderen deze projecten in mijn academische opdracht. Maar uiteindelijk doe ik het vooral vanuit een sociaal engagement. Ook de respons die ik krijg is een belangrijke drijfveer. De aandacht en de discipline die die Afrikaanse studenten opbrengen, dat is bij ons nagenoeg onbestaande.'