Slaapapneu - tongankertje vermindert ademhalingspauzes

Obstructief slaapapneu: wat?

'De nieuwe techniek is bedoeld als behandeling van ernstige vormen van obstructief slaapapneu', verduidelijkt UZA-NKO-arts dr. Evert Hamans. 'Bij sommige mensen met deze aandoening zakt de tong tijdens de slaap zo diep weg dat de keelholte volledig geblokkeerd raakt. De ademhaling stopt dan telkens, waarna de patiŽnt wakker schiet en weer begint te ademen. Sommige patiŽnten hebben tientallen apneus per uur.'
De gevolgen van slaapapneu zijn verstrekkend. Niet alleen zijn de patiŽnten zware snurkers, ze kampen ook met soms ernstige vermoeidheid overdag en hebben op lange termijn een verhoogd risico op hart- en vaatziekten.

Klassieke behandelingen

'De klassieke behandeling van slaapapneu is CPAP, voluit Continuous Positive Airway Pressure', zegt Hamans. 'Via een neusmasker wordt lucht onder licht verhoogde druk in de neusholte geblazen en wordt voorkomen dat de keelholte dichtklapt. Maar bij 10 tot 20 procent van de patiŽnten verloopt deze behandeling zo problematisch dat ze geen oplossing biedt. Voor die mensen is heelkunde een alternatief.' De bestaande heelkundige behandelingen zijn hetzij heel ingrijpend, hetzij maar matig doeltreffend. Veel patiŽnten zijn er dan ook niet toe bereid.

Nieuwe ingreep

Hamans: 'De nieuwe ingreep is veel minder invasief. Via een klein sneetje onder de kin brengen we een tongankertje uit titanium aan in de achterzijde van de tong. Dat ankertje wordt via een kabeltje verbonden met een klein katrolletje, dat in de onderkaak wordt ingeplant. Het kabeltje wordt net genoeg aangespannen om te voorkomen dat de tong tijdens de slaap naar achter zakt.'
In het najaar van 2007 waren in het UZA een kleine twintig patiŽnten behandeld, met veelbelovende resultaten. Het aantal apneus was bij deze patiŽnten aanzienlijk verminderd, in die mate dat het risico op hart- en vaatziekten sterk daalde. Bovendien voelden de patiŽnten zich meer uitgerust en snurkten ze beduidend minder.
Het grote voordeel van de techniek is dat hij, in vergelijking met de andere operaties, weinig belastend is voor de patiŽnt en nauwelijks nevenwerkingen heeft.
'De implantatie gebeurt onder algemene verdoving en vergt een opname van twee dagen. Het aanspannen van het kabeltje, twee tot drie weken later, veroorzaakt bij sommige patiŽnten wat pijn. Maar dat duurt maar een paar dagen. De patiŽnt voelt het implantaat niet zitten, en ook bij het eten of spreken merkt hij er niets van', zegt Hamans.

Lees verder:
'Snurken - blijf er niet mee zitten'

Bron: maguza.be