Robotchirurgie bij aorta-operaties

Klassieke chirurgie

Binnen de aortachirurgie zijn er twee grote groepen aandoeningen: occlusies (verstoppingen) en aneurysma's (uitstulpingen) van de buikslagader.
'In beide gevallen plaatsen we een prothese die de zieke slagader vervangt', legt Hendriks uit. 'Bij een klassieke open ingreep maken we een snede in de lengte van de buik. Met als nadelen een traag herstel, een dagenlang verblijf op intensieve zorgen en een groot risico op diverse complicaties. Ook kan de patiënt enkele dagen niet eten of drinken. Vandaar de zoektocht naar alternatieven.'
Voor de behandeling van aneurysma's werd dat alternatief deels gevonden in een ingreep waarbij de prothese via de liezen wordt ingebracht. Ook bij beperkte vernauwingen of verstoppingen van de bekkenslagaders - zijtakken van de aorta - is een minder ingrijpende behandeling mogelijk, namelijk het plaatsen van stents onder lokale verdoving.

Kijkoperatie

Klassieke kijkoperatie
Hendriks: 'Maar bij een te uitgesproken of uitgebreide occlusie zijn stents geen optie. Dan kiezen we voor een laparoscopie, een kijkoperatie in de buik. Daarvoor volstaat het uiterst kleine sneetjes te maken waarlangs de instrumenten en een camera worden ingebracht. Die ingreep heeft als groot voordeel dat patiënten sneller kunnen eten en drinken, minder pijn voelen en minder lang op intensieve zorgen liggen. Ook is er minder kans op complicaties op korte en lange termijn. Een laparoscopie duurt langer dan een klassieke operatie, maar die investering haal je er nadien ruimschoots uit.'
Nog meer dan een gewone operatie is een laparoscopie heel complex. Dat komt onder meer doordat de chirurg niet direct met zijn handen werkt, hij zich moet baseren op een tweedimensionaal beeld op een monitor en bepaalde delen van de slagaders moeilijk zichtbaar en bereikbaar zijn.

Kijkoperatie met robot
Hendriks besloot daarom over te stappen op robotchirurgie, een techniek die in het UZA sinds 2002 wordt toegepast. De chirurg staat daarbij niet aan de operatietafel, maar zit aan een centrale console. Met behulp van 3D-beelden bestuurt hij de robot van op afstand. De robot is een kolom met drie mechanische armen, met daarop een camera en instrumenten gemonteerd. De instrumenten worden gewisseld door een tweede chirurg, die steriel aan tafel blijft.
'We schakelen de robot pas in nadat de aorta is vrij gelegd via de gewone laparoscopische techniek', licht Hendriks toe. 'De voordelen van robotchirurgie zijn enorm. De 3D-beelden geven een beter zicht op het operatieveld, en dankzij de gesofisticeerde armen en instrumenten kunnen we de aorta beter manipuleren en veel fijner werken. Het aanhechten van de prothese aan de aorta vergt geen speciale training en lukt vrijwel vanaf de eerste keer heel goed. Bij een klassieke laparoscopie vraagt het juist veel inspanning om die handigheid op te bouwen en te behouden.' Hendriks voerde de ingreep tot dusver altijd uit met een vaste tweede chirurg, dr. Patrick Lauwers, en in de mate van het mogelijke ook met dezelfde verpleegkundigen en anaesthesisten. In het najaar van 2007 waren zes patiënten - die erg uitgebreide verstoppingen hadden - met de robot geopereerd. Hun herstel verliep stukken vlotter dan na een klassieke operatie.

Lees verder:
Robotica
Robotica: balans

Bron: maguza.be