Plas- en prostaatproblemen

Veelvoorkomende kanker

Prostaatkanker is de meest voorkomende kanker bij mannen. Het aantal gevallen ligt dubbel zo hoog als bij longkanker, die tweede in rij is. Toch sterven jaarlijks meer dan twee keer zoveel mannen aan een longgezwel dan aan een tumor in de prostaat.

Regelmatig op controle

De prostaat, een klier ter grootte van een kastanje, ligt net onder de blaas en produceert stoffen voor het vervoer en de voeding van de zaadcellen. Dwars door de prostaat loopt de urinebuis. Dat verklaart waarom prostaat- en plasproblemen vaak samen gaan. Meestal zijn deze kwalen onschuldig. Maar bij een minderheid is er iets ernstigers aan de hand.
'Omdat de symptomen van prostaatkanker pas laat optreden, raden we elke man tussen vijftig en zeventig aan zich jaarlijks of tweejaarlijks te laten controleren. Dat kan via een bloedname en een pijnloos lichamelijk onderzoek. Zijn er in de familie meerdere gevallen van prostaatkanker of - het mag vreemd klinken - borstkanker, dan gebeurt dat best al vanaf veertig jaar', zegt uroloog dr. Lucien Hoekx van de urologische consultatie van het UZA. Bij afwijkende resultaten zijn een echografie en een biopsie van de prostaat nodig. In een op de drie gevallen is er dan sprake van kanker.

Behandeling

'De behandeling bestaat uit heelkunde of radiotherapie', legt Hoekx uit. 'Bij een operatie nemen we meestal de hele prostaat en de zaadblaasjes weg, en indien nodig ook de aangrenzende zenuwbanen. Bij oudere patiŽnten voor wie een operatie meer risico's inhoudt of bij meer uitgebreide tumoren, stellen we doorgaans radiotherapie voor. Is de kanker in een beginstadium, dan is ook inwendige bestraling mogelijk. Daarbij worden radio-actieve zaadjes in de prostaat ingebracht.'
Daarnaast bestaan er nog andere, op dit moment nog experimentele behandelingen. Bij de HIFU-therapie - HIFU staat voor High Intensity Focused Ultrasound - wordt de prostaatklier verbrand met behulp van echogolven. In geval van cryotherapie worden via naalden zones in de prostaat bevroren. 'Bij bepaalde niet-agressieve kankers kunnen we ook overwegen om gewoon af te wachten en de patiŽnt halfjaarlijks te controleren. Maar het overgrote merendeel wil meteen behandeld worden', weet Hoekx.

Bijwerkingen

Bij de therapiekeuze spelen mogelijke bijwerkingen een grote rol. Zo lijdt bij een chirurgische behandeling van prostaatkanker na een jaar nog twee tot vijf procent van de patiŽnten aan ongewild urineverlies, terwijl dat bij radiotherapie amper voorkomt. Ook erectieproblemen zijn een veelvoorkomende bijwerking. Zowat de helft van de patiŽnten die zenuwsparende chirurgie of uitwendige bestraling ondergaan, heeft hier na twee jaar last van. In geval van niet-zenuwsparende heelkunde gaat het zelfs om 97 procent. Bij uitwendige bestraling bestaat er twee tot drie jaar na de behandeling dan weer kans op spontane bloedingen uit de darm of de blaas.
'Er is geen passe-partout', merkt Hoekx op. 'Elke patiŽnt moet apart bekeken worden. Als iemand nog seksueel actief is, proberen we indien enigszins mogelijk een zenuwsparende operatie uit te voeren. Heeft de patiŽnt gevoelige darmen, dan is uitwendige bestraling af te raden. Het laatste woord is aan de patiŽnt. Hij moet de risico's en eventuele ongemakken afwegen.'

Leeftijd speelt belangrijke rol

Veel hangt ook af van de leeftijd. Doordat prostaatkanker traag evolueert, heeft een patiŽnt ten vroegste na tien jaar voordeel van de behandeling. 'Vanaf zeventig jaar moet je ervoor oppassen dat je niet gaat overbehandelen. Heeft de patiŽnt bijvoorbeeld andere ernstige gezondheidsproblemen, dan kun je je afvragen of behandelen - rekening houdend met de mogelijke bijwerkingen - nog verstandig is. Om die reden heeft het bij zeventigplussers zonder klachten ook weinig zin om de ziekte actief op te sporen.'

Genezingskansen

Als prostaatkanker vroeg ontdekt wordt, is er tot negentig procent kans op genezing. In een verder gevorderd stadium daalt die kans tot vijftig procent. Bij een kleine groep is de kanker helaas al uitgezaaid.
'Bij die mensen is genezen niet meer mogelijk. De gemiddelde overlevingsduur bedraagt voor hen drie jaar. In dat stadium is de therapie er vooral op gericht de klachten weg te nemen. Dat gebeurt meestal via een medicamenteuze behandeling die inwerkt op de hormonen', aldus nog Hoekx.

Plasproblemen

Overdag veel vaker moeten urineren, dringende plasdrang, 's nachts regelmatig moeten opstaan om te plassen, een slappe urinestraal, terugkerende urineweginfecties: veel veertigplussers krijgen ooit met plasproblemen te maken. Meestal gaat het om een goedaardige aandoening.
'Oorzaak van het probleem is dat de prostaat op de urinebuis drukt, waardoor de patiŽnt zijn urineblaas niet meer helemaal kan legen.Veel mannen ervaren dat als een aanslag op hun levenskwaliteit. Bovendien kan deze kwaal op termijn blijvende schade aanrichten', zegt dr. Lucien Hoekx.
Als behandeling wordt in eerste instantie medicatie voorgesteld. Helpt deze niet of neemt de aandoening ergere vormen aan, dan is een operatie nodig. 'Via een kijkoperatie schrapen we prostaatweefsel weg, zodat de urinebuis meer plaats krijgt. Op seksueel vlak ondervindt de patiŽnt daarvan meestal geen hinder, op het verminderen of wegvallen van de zaaduitstorting na. Voor patiŽnten met nog een kinderwens kan dat een reden zijn om de ingreep uit te stellen.'
Een vergroting van de prostaat is lang niet altijd problematisch. Liefst negentig procent van de mannelijke tachtig-plussers heeft een vergrote prostaat. Slechts bij tien procent gaat dat gepaard met symptomen.